Procedure bij onteigening

Stuur pagina door

Deze pagina interessant voor iemand anders?

Stel direct uw  vraag aan een deskundige.

Gerechtelijke onteigening
Na de administratieve procedure begint de gerechtelijke procedure bij de rechtbank. Beide partijen mogen met ondersteuning van een advocaat en een andere deskundige hun zaak verdedigen. De rechter spreekt in deze procedure de onteigening uit en stelt het bedrag van de schadeloosstelling vast. Dit gebeurt meestal nadat hij ter plaatse het te onteigenen goed bezichtigd heeft, in bijzijn van een aangestelde commissie van deskundigen.
Het bedrag dat de rechter bepaalt moet de overheidsinstelling dan betalen aan de eigenaar. Indien deze nog niet akkoord is met de prijs, kan hij via de hogere rechtbank de procedure verder doorzetten en mogelijk een andere prijs overeenkomen.

Het kan voorkomen dat de rechtbank in een tussenvonnis de vervroegde onteigening uitspreekt. In dit geval zal de rechtbank ook een voorschot op de schadeloosstelling moeten vaststellen. Dit bedrag ligt doorgaans op een percentage van 90 van het aanbod dat door de gemeente is gedaan.

Als de rechtbank ertoe is overgegaan een voorschot op de schadeloosstelling vast te stellen dan kan de eigenaar van de te onteigenen gronden aan de rechtbank eenmaal een verhoging van het voorschot verzoeken.

De gemeente kan het tussenvonnis of een later gewezen vonnis waarbij de onteigening is toegewezen alleen in de openbare registers inschrijven indien de gemeente het voorschot op de schadeloosstelling of de volledige schadeloosstelling aan de eigenaar van de te onteigenen gronden heeft betaald. Zolang deze uitbetaling nog niet heeft plaatsgevonden gaat de eigendom van de gronden niet over op de gemeente.